Botanalyse bewijst: 'kleinere iguanodon' is andere soort

Mantellisaurus atherfieldensis, de 'kleinere en slankere iguanodon', met op de achtergrond de loggere Iguanodon bernissartensis. (Foto: KBIN)
09/03/2018
Botanalyse bewijst: 'kleinere iguanodon' is andere soort
post by
Reinout Verbeke

In de glazen kooi met Iguanodons van Bernissart in het Museum voor Natuurwetenschappen staat één opvallend kleiner exemplaar. Een botanalyse bevestigt nu dat het tot een ander geslacht en soort behoort dan de grotere Iguanodons die errond staan. 'De beenderstructuur is van een volwassen dier', zegt paleontoloog Koen Stein van de Vrije Universiteit Brussel, verbonden aan ons Instituut.

Stein boorde een cilindervormig staal uit fossiele botten van de 'kleinere iguanodon'. De analyse van de inwendige structuur bevestigt dat hij/zij volwassen was en dus tot een andere soort moet behoren dan de loggere Iguanodon bernissartensis. 'Volwassen dinosauriërs hebben een andere, minder poreuze beenderstructuur dan jonge exemplaren. En ze hebben ook veel minder bloedvaten dan de jonge “veulens”.'

Namen bij de vleet

Na de ontdekking van een dertigtal 125 miljoen jaar oude iguanodons in een steenkoolmijn in Bernissart (Henegouwen) tussen 1878 en 1881, dacht George Boulenger dat het kleinere exemplaar een Iguanodon mantelli was. Een andere denkpiste was dat het een juveniele versie was van Iguanodon bernissartensis. Een jong dier kan in zijn groei naar volwassenheid nog sterk veranderen. Maar in de jaren tachtig van de vorige eeuw ondernam de Brit David Norman een nieuwe poging om de dieren te determineren. Hij wees het kleinere exemplaar toe aan een andere soort, Iguanodon atherfieldensis.

In 2008 bracht paleontoloog Gregory Paul de kleine dino van Bernissart dan weer onder in een nieuw geslacht: Dollodon; Dollodon bampingi om precies te zijn. Maar volgens andere onderzoekers is dat hetzelfde als Mantellisaurus atherfieldensis, zoals het exemplaar in het Natural History Museum van Londen. In welke groep ('taxon') het dier ook ondergebracht wordt, één ding is nu zeker: het is géén Iguanodon bernissartensis.

Moordzaak

Stein deed zijn analyse in het kader van het ColdCase-project, de huidige speurtocht naar de doodsoorzaak van de Iguanodons van Bernissart, geleid door paleontoloog Pascal Godefroit. Sinds hun ontdekking is al veel gespeculeerd over hun dood: verdronken tijdens een plotse stijging van het water, in een ravijn gedonderd, aangevallen door predatoren, vast komen te zitten in een moeras, zich uit de kudde teruggetrokken om op één plek te sterven... In de jaren tachtig ging men er dan weer van uit dat ze elk op een normale manier zijn gestorven en mettertijd in een natuurlijke verzakking – een zogenoemde ‘cran’ – zijn gegleden. Dat laatste lijkt deels te kloppen.

Vergiftigd

Dat alle gevonden exemplaren - ook het kleinere - volwassen dieren blijken, kan een clue zijn. Op een paleontologische site waar de dieren geleidelijk en ‘passief’ zijn gestorven, vind je normaal tachtig procent jonge dieren, omdat die het zwakst zijn. Dat er alleen volwassen Iguanodons gevonden zijn, wijst mogelijk op een relatief vlugge, massale dood. De paleontologen vermoeden dat de dieren vergiftigd zijn door een moerasgas: waterstofsulfide (H2S), een zogenoemde silent killer: De kleilagen waarin de Iguanodons gevonden zijn, bevatten veel pyriet of ijzerdisulfide (FeS2), dat gevormd wordt door rood ijzeroxide (Fe2O3) en dat toxische gas H2S. H2S is al in heel kleine concentraties giftig.

'Ook de ingespoelde sedimenten in de beenderen bevatten hoge concentraties aan pyriet', zegt Stein. 'Bacteriën of algen in het moeras kunnen het giftige gas hebben geproduceerd.' De houding waarin de iguanodons zijn gevonden – op hun zij en met de kop naar achter geslagen – wijzen ook in de richting van een vergiftiging. De skeletten zijn ontdekt in verschillende lagen, dus wellicht zijn de dieren niet allemaal op hetzelfde moment omgekomen, maar in verschillende episodes.

 

Abonneren op Royal belgian Institute for natural Sciences News
Go to top