Gestolen fossielen vervolledigen mysterieuze dinopuzzel

Paleontoloog Pascal Godefroit onthult de fossielen tijdens een ceremonie in Ulaanbaatar (Mongolië).
14/05/2014
Gestolen fossielen vervolledigen mysterieuze dinopuzzel
post by
Reinout Verbeke

Belgisch paleontoloog Pascal Godefroit (Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen) heeft ontdekt dat een fossiele schedel en voetbeenderen uit een privécollectie toebehoren aan Deinocheirus, een dino met reusachtige grijparmen en klauwen. Vijftig jaar lang bleef het skelet van deze dinosoort een mysterie, tot nu.

In 1965 vond Pools paleobioloog Zofia Kielan-Jaworowska in een afgelegen gebied in de Gobi-woestijn heel vreemde fossiele resten: een paar gigantische voorarmen, van wel 2,4 meter lang, met enorme klauwen. Ze stammen uit het late krijt – ongeveer 70 miljoen jaar geleden – en behoren toe aan een vleesetende dinosoort. Hij werd Deinocheirus mirificus (letterlijk: ‘ongewone, verschrikkelijke handen’) gedoopt en is al vijftig jaar een van de grootste mysteries in de paleontologie. Behalve die grote armen en een handvol beenderfragmenten werd niets meer gevonden, tot in 2006 en 2009. Tijdens Koreaans-Mongoolse expedities in de Gobi-woestijn vonden wetenschappers in de zogenoemde Nemegt-formatie twee nieuwe skeletten van Deinocheirus. Maar, telkens ontbraken schedel en voeten, blijkbaar gestolen door dinojagers die in de Gobi-woestijn rondtrekken.

Puzzel compleet

Het Franse bedrijf Eldonia, gespecialiseerd in paleontologie, lokaliseerde een paar jaar geleden een vreemde schedel en bijbehorende voeten in een Europese privécollectie. In 2011 nodigde het bedrijf paleontoloog Pascal Godefroit van het KBIN uit om de resten te bestuderen. Godefroit en François Escuillié van Eldonia vermoedden dat ze de ontbrekende stukken waren van een van de twee recente Deinocheirus-skeletten. En inderdaad: na vergelijkend onderzoek pasten de schedel en de voeten perfect op het grootste skelet, uit 2006. Na bijna 50 jaar is de Deinocheirus-puzzel eindelijk compleet.

Bochel

De fossielen worden op dit moment door een internationaal team van paleontologen onderzocht, maar uit voorlopige resultaten blijkt alvast dat Deinocheirus twaalf meter lang was, en een vroeg lid van de ornithomimosaurussen, een groep vleesetende dino’s die gelijkenissen vertonen met de huidige struisvogels. Maar hij was, anders dan andere ornithomimosaurussen, geen snelle loper. Behalve de reusachtige armen en klauwen vallen ook zijn bochel of rugzeil op, zijn ruime bekken, de extreme veerkracht van zijn ledematen en de dikke beenderen.

Weer thuis

Eldonia verkreeg de gestolen Deinocheirus-schedel en -voeten en doneerde ze aan het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen. Op 1 mei 2014 maakten Godefroit en Escuillié de fossiele resten officieel over aan Mongolië, in het bijzijn van Oyungerel Tsedevdamba, Mongools Minister van Cultuur, Sport en Toerisme. De fossielen zijn nu officieel geregistreerd in het Central Museum of Mongolian Dinosaurs, samen met het skelet van Tarbosaurus baatar, een ander gestolen dinosaurusspecimen, dat recent van onder de veilhamer werd gered.

 

Abonneren op Royal belgian Institute for natural Sciences News
Go to top