Meer warmteminnende dieren en planten door klimaatopwarming

Karat van de 22 bemonsterde gemeenschappen van dieren en planten. Aan de kleuren zie je hoe sterk de gemeenschap veranderde naar meer warmteminnende soorten (paars) of meer koudeminnende (blauw).
17/02/2017
Meer warmteminnende dieren en planten door klimaatopwarming
post by
Reinout Verbeke

Populaties warmteminnende soorten in Centraal-Europa zijn de voorbije dertig jaar toegenomen, blijkt uit een overzichtsstudie. De trend is vooral zichtbaar bij vogels, vlinders, kevers, bodemorganismen en mossen. Mogelijk heeft de opwarming van de aarde in de voorbij decennia al een grote impact gehad op populaties.

Een team van onderzoekers, waaronder wetenschappers van ons Instituut, hebben in een studie in Nature Ecology & Evolution de impact aangetoond van klimaatopwarming op dierpopulatiesen ook op planten. Ze bestudeerden de langetermijngegevens van 22 gemeenschappen, van algen tot zoogdieren, op verschillende plekken in West- en Centraal-Europa. De gemeenschappen bevatten elk 9 tot 130 verschillende soorten en de data overspanden 12 tot 34 jaar. Daaruit bleek dat de populaties warmteminnende soorten groter zijn geworden naarmate de temperatuur door klimaatopwarming steeg. Vooral bij de 'terrestrische' groepen, zoals vogels, vlinders, kevers, bodemorganismen en mossen, was dat het geval. Sommige soorten die van koudere temperaturen houden, kregen het moeilijker. Het is een van grootste studies over de langetermijneffecten van klimaatopwarming op de Europese natuur.

Aardopwarming zet druk

Sinds 1980 is de gemiddelde jaartemperatuur in onze contreien met ongeveer 0,3 graden per decennium gestegen. 'Dit lijkt weinig, maar heeft wel degelijk een grote impact op de natuur', zegt eerste auteur Diana Bowler van Senckenberg Biodiversity and Climate Research Centre. 'Aanhoudende temperatuursstijging beïnvloedt op lange termijn hoe groot populaties van bepaalde planten- en diersoorten zijn. Bijna de helft van de populaties in de studie vertoonden een duidelijke stijging of daling in de voorbije dertig jaar. En die verandering was beïnvloed door de voorkeur voor warmere of koudere temperaturen.'

Vooral de populaties van landdieren en planten die van warmte houden, en doorgaans meer in zuidelijke gebieden voorkomen, bleken in aantal gestegen. Bij zee- en zoetwaterdieren waren de trends minder eenduidig, maar bij Noordzeevissen waren de populaties warmteminnende soorten ook talrijker geworden.

Impact op grote schaal

Volgens de studie heeft klimaatverandering een grotere impact op dier- en plantgemeenschappen dan andere bedreigingen zoals habitatverlies. Die hebben veeleer een lokaal effect, terwijl klimaatverandering hele grote gebieden ineens beïnvloedt.

Voor de studie droegen liefst 27 instituten gegevens aan. De data over Belgische spinnen- en keverpopulaties werden vanaf eind jaren tachtig verzameld door biologen van ons Instituut. 'Alleen door zulke samenwerkingen kunnen we antwoord geven op de belangrijke ecologische vragen van vandaag', aldus Bowler.

 

Op basis van het persbericht 'More Warm-dwelling Animals and Plants as a Result of Climate Change' van Senckenberg Biodiversity and Climate Research Centre.

Abonneren op Royal belgian Institute for natural Sciences News
Go to top