De insecten-, spinnen-, mijten- en duizendpotencollectie van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen bevat tussen de 15 en 17 miljoen specimens. De collecties beslaan het grootste deel van de gekende ordes en hebben minstens 15.000 type-specimens in de rangen. Dat zijn unieke exemplaren die gebruikt zijn voor de beschrijving van een soort, en dus belangrijk referentiemateriaal. De voorbije tien jaar zijn er zo’n 1.000 ‘types’ aan toegevoegd.



 

800 oak cabinets for our dry specimens

De collecties zijn ondergebracht in acht bewaarplaatsen met nagenoeg ideale klimatologische omstandigheden. De ‘droge’ specimens zitten in 75.000 lades, netjes verspreid over 800 eiken kasten. De ‘natte’ collectie (op alcohol) bevat ongeveer 5.000 potten met onder meer spinnen, schorpioenen en duizendpoten. Alles is systematisch gerangschikt per insectenorde, en verder onderverdeeld per familie, genus en soort. Een aantal persoonlijke collecties worden als apart geheel bewaard, zoals de keververzameling van Emile Derenne – 90.000 Belgische exemplaren –, of de collectie van baron Michel Edmond de Selys Longchamps, een van ’s werelds grootste verzamelingen waterjuffers en libellen 
 

Carabid beetles (Photo: Thierry Hubin, RBINS)
Graadmeter voor Belgische soorten

Voortdurend worden nieuwe specimens verworven: elk jaar komen er gemiddeld meer dan 100.000 insecten en spinachtigen bij. Een groot deel daarvan wordt door de entomologen van het Instituut zelf ingezameld tijdens expedities. Er worden ook heel wat specimens aangekocht, aan het instituut geschonken, of geruild met verzamelingen van buitenlandse instituten.
Van de meeste groepen hebben we specimens van over de hele wereld, maar voor veel groepen ligt de nadruk op het Belgische materiaal, dat sinds midden 19de eeuw systematisch is ingezameld, met een piek in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw. Die verzamelingen zijn uitstekend vergelijkingsmateriaal, waarmee de entomologen van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen een vooruitgang of achteruitgang in de verspreiding van soorten kunnen inschatten. Zo stelden ze een toename vast van steekmuggensoorten die dicht bij de mens leven en die bekend staan als ziekteverspreiders.
 

Freeze treatment to protect the storage cabinets against fungal contamination and infestation by the larvae of the museum beetle
Komen en gaan

Op de Dienst van de collecties Entomologie is het een komen en gaan van onderzoekers en insecten. Per jaar consulteren 200 à 300 buitenlandse biologen en amateurverzamelaars de collecties ter plaatse, en jaarlijks worden gemiddeld 60.000 specimens de wereld rondgestuurd voor hoofdzakelijk taxonomische studies. Dat vergt een hele organisatie: de entomologen moeten teruggebrachte collecties systematisch controleren en ze een vriesbehandeling geven. Op die manier raken de bewaarkasten niet besmet met schimmels of larven van de museumkever.
Het team van deskundigen en technici  heeft nog veel werk voor de boeg: de collecties bevatten nog heel wat ongedetermineerde specimens, en heel wat ongeprepareerd materiaal. Vandaag  wordt ook druk gewerkt aan de verdere digitalisering van de collecties, zodat steeds meer specimens via de MARS- en DaRWIN-database online consulteerbaar zijn.

Go to top