TRACE: TRACeability of hEterogenite

Het TRACE-project werd opgestart om wetenschappelijke methoden te ontwikkelen voor de analytische opspoorbaarheid van heterogeniet, een secundair kobalterts. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met het onderzoekscentrum GECO (“Geology for an ECOnomic sustainable development”) en de werkgroep MIRECA (Mineral Resources in Central Africa”). Het GECO-onderzoekscentrum bundelt de competenties van geologen van het Koninklijk Belgisch Instituut voor Natuurwetenschappen (KBIN) en het Koninklijk Museum voor Midden Afrika (KMMA). Dit “excellence centre” heeft tot doel (geo-)wetenschappelijke ondersteuning te bieden aan politiek, burgers en industrieën die actief zijn in het domein van het duurzame beheer van minerale rijkdommen. De werkgroep MIRECA heeft als objectief het Belgisch buitenlands beleid advies te verlenen bij de hervorming van de mijnbouwsector in de Democratische Republiek Congo. Beide initiatieven worden gefinancierd door het departement Preventieve Diplomatiek van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken.

Het project omvat twee belangrijke luiken die elk op zich in verschillende takenpakketten opgedeeld werden. Deel 1 – Analyse van geldstromen en grondstoffentrafiek – zal de overlapping tussen de officiële (industrie) en de niet officiële (artisanale) sectoren onderzoeken. Deze studie zal enquêtes omvatten die door geassocieerde partners op het terrein zelf in de DRC uitgevoerd zullen worden. Deel 2 – Traceerbaarheid van heterogeniet – betreft de wetenschappelijke en technische aspecten van de opspoorbaarheid van heterogeniet door middel van analytische methoden. Het wetenschappelijke luik hierin volgt een multidisciplinaire aanpak door middel van mineralogische-, petrologische- en geochemische analyses en metingen met behulp van Ramanspectroscopie. Het geheel aan fysische en chemische criteria nodig voor het praktische uitvoerbaar zijn van de traceerbaarheid zal door deze benadering afgebakend worden. De praktische opvolging van de loten minerale ertsen en de controlemiddelen hiertoe vormen het belangrijkste aspect van het technische luik in het project.

De relevantie van de methodologie ligt in het feit dat er rekening gehouden wordt met de geologische, economische en industriële complexiteit van de kobaltertsontginning, terwijl objectiviteit en effectiviteit bewaard moeten blijven.

Externe medewerkers
Tom Thys
Thierry De Putter
Sophie Decrée
Funding
Het project wordt gefinancierd door de Federale Overheidsdienst voor het Wetenschapsbeleid in het kader van de 5e oproep voor “Acties ter ondersteuning van de strategische prioriteiten van de Federale Overheid”.
Partners en sponsors
Go to top