Veelbelovende eerste resultaten voor het herstel van Belgische oesterriffen
Onderzoekers van het Instituut voor Natuurwetenschappen bevestigen de overleving en groei van de jonge Europese platte oesters die in juli 2025 werden uitgezet in het kader van het BELREEFS-project. De opvolging is mogelijk door een slim monitoringprogramma dat toelaat de ontwikkeling van het rif nauwgezet en op lange termijn in kaart te brengen. De eerste resultaten duiden op een veelbelovende start voor het herstel van de platte oesterriffen op zee in België.
In juli 2025 werden meer dan 200.000 jonge platte oesters (Ostrea edulis) uitgezet op de bodem van het Belgische deel van de Noordzee, ongeveer 30 km uit de kust op een diepte van 30 m. De oesters werden uitgezaaid op biologisch afbreekbare kleistenen, die werden geïnstalleerd op een zorgvuldig geselecteerde locatie met natuurlijk hard substraat (grind) binnen het Natura 2000-gebied 'Vlaamse Banken'. De Europese platte oester is een zogenaamde ecosysteem-ingenieur: ze vormt riffen die leefgebieden creëren voor talloze andere soorten en als filtervoeder draagt ze bij aan het helder houden van het water. Door overbevissing en vernietiging van hun leefgebied was deze belangrijke inheemse soort echter vrijwel volledig uit ons land verdwenen.
De grootschalige uitzetting maakte deel uit van BELREEFS, het eerste offshore pilootproject gericht op het herstel van Europese platte oesterriffen in Belgische zeewateren. Het BELREEFS-project, in opdracht van de Belgische Staat (dienst Marien Milieu van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu), bundelt de expertise van Jan De Nul Group, het Instituut voor Natuurwetenschappen (team Mariene Ecologie en Beheer – MARECO), Shells & Valves en Mantis Consulting. De technieken die in het project worden getest zullen toekomstig grootschalig natuurherstel ondersteunen en bijdragen aan de bredere visie van België op het behalen van natuurhersteldoelstellingen, met name binnen Natura 2000-gebieden.
Slimme monitoring
Het BELREEFS-monitoringteam van het Instituut voor Natuurwetenschappen heeft een grondig plan ontwikkeld om de ontwikkeling van het rif te monitoren. Hierin worden de belangrijkste parameters, zoals opgesteld door de Native Oyster Restoration Alliance (NORA), nauwlettend gevolgd en worden tegelijkertijd de protocollen aangepast aan de uitdagende omstandigheden op zee. Deze aanpak stelt BELREEFS in staat om gegevens te genereren die vergelijkbaar zijn tussen Europese herstelinitiatieven. Voor verschillende van deze meetgegevens moeten oesters en het rifsubstraat worden opgevist voor analyse, wat een monitoringaanpak op maat vereist.
Om aan deze monitoringvereisten te voldoen, ontwierp Jan De Nul op maat gemaakte monitoringkooien die langdurige opvolging op een betrouwbare en gestandaardiseerde manier mogelijk maken. Elke kooi bevat een selectie van de ingezaaide kleistenen met daartussen voldoende ruimte voor blootstelling aan de omgeving. De kooien kunnen routinematig worden ingezet en teruggehaald, ofwel dankzij de integratie van een akoestisch releasesysteem, ondersteund door de betrokkenheid van het Instituut voor Natuurwetenschappen binnen het European Marine Biological Resource Centre Belgium (EMBRC Belgium), ofwel door wetenschappelijke duikers.
Eerste resultaten
Met de hulp van de bemanning van de STREAM werd de eerste monitoringkooi in september 2025 succesvol naar de oppervlakte gebracht, gebruik makend van het akoestische releasesysteem. Ter plaatse bepaalden de onderzoekers de overleving, groei en dichtheid van de oesters en zochten ze met succes naar de vestiging van nieuw oesterzaad. Verder werden zowel de vastzittende als de mobiele aangroeifauna op de kleistenen geïdentificeerd, waarbij ook kleinere en moeilijk herkenbare soorten werden verzameld voor identificatie in het labo.
Alle stalen zijn intussen verwerkt. Naast de bevestiging van de overleving en groei van oesters, onthulden de observaties ook het optreden van actieve ecologische interacties op het rifsubstraat. Er werden tekenen van ruimteconcurrentie en de aanwezigheid van potentiële predatoren opgemerkt, en deze dynamiek zal in de komende jaren verder worden onderzocht tijdens de vervolgmonitoring.
“De eerste monitoring leverde veelbelovende resultaten op. We kijken uit naar het vervolg, en hopen dat de kleine oesters zullen uitgroeien tot een heus oesterrif, precies op de plaats waar grote oesterriffen meer dan 100 jaar geleden voorkwamen. Dat we ook kolonisatie door wild oesterbroed aantroffen maakt ons extra enthousiast. Het is een zeer bemoedigend signaal voor het toekomstig herstel van oesterriffen.” - Thomas Kerkhove – MARECO, Instituut voor Natuurwetenschappen
Het BELREEFS-monitoringprogramma zal de komende jaren worden voortgezet met het bovenhalen van twee extra monitoringkooien. Deze observaties op een langere termijn zullen aanvullend inzicht opleveren over de ontwikkeling van het rif, ecologische interacties en het succes van natuurherstel in dynamische, offshore omstandigheden. Dergelijke informatie zal cruciaal zijn voor toekomstige grootschaligere herstelplannen in het Belgische deel van de Noordzee en zal verder bijdragen aan de kennis die de afgelopen decennia reeds is verzameld over het herstel van Europese platte oesters in heel Europa.
BELREEFS is een samenwerking tussen Jan De Nul, Instituut voor Natuurwetenschappen, Shells & Valves en Mantis Consulting en wordt uitgevoerd in opdracht van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu als onderdeel van actie T4.8 van het LIFE B4B-project (101069526).
De oesters werden gekweekt in samenwerking met het Nederlandse Stichting Zeeschelp en Oyster Heaven (Mother Reef). Voor al onze projecten werken we samen met internationale experten van de Native Oyster Restoration Alliance (NORA) en volgen we hun richtlijnen. Zo gaan we aan de slag met de best beschikbare kennis, geavanceerde technologieën en toonaangevende ervaring.